Posts tonen met het label midlife momenten. Alle posts tonen
Posts tonen met het label midlife momenten. Alle posts tonen

7.9.26

Goud op de maandagmorgen

Het is maandag, en ik ga wandelen. Niet ver, want mijn ribben doen nog zeer van mijn val. Ik weet eigenlijk nog steeds niet precies wat ik gekneusd heb, maar pijn doet het.

Morgen komt de regen, zei de weerman, en volgens hem blijft het daarna regenen... vandaag lekker niet dus hup met die beentjes. Naar het bos!

Collage van een vroege septemberwandeling: beukennootjes boven de hei, paddenstoelen op mos, geel verkleurende bladeren, een takje bloeiende hei, een donkere regenbui boven de bruin wordende heide en laag ochtendlicht op een bospad.

Ik fiets erheen, zet hem goed op slot en wandel zo de natuur in. Het pad klimt een beetje en ik voel dat aan mijn knieën. Boven op de heuvel draai ik me om en kijk over het dal heen naar de lucht. Kijk. Ginds in de verte, regent het daar? 

Onder het wolkendek hangt een verfijnde grijze sluier. Ik maak er een paar foto’s van. Ja hoor, ik weet het zeker.... kilometers verderop houden ze het niet droog.

Laatbloeiers

Ik draai me om. Voor mijn neus ligt de hei. Niet meer zo paars als een paar weken terug. Het roestbruin breidt zich steeds verder uit en sommige uitgebloeide bloemetjes lijken van dichtbij bijna wit, heel apart is dat. Maar er is ook nog paars hoor... op de plekken waar de heide lang in de schaduw stond. Echte laatbloeiers. Die beginnen gewoon als de rest het zo’n beetje voor gezien houdt. 

Ik denk na over laatbloeiers, terwijl ik verder loop. En kan het niet laten... ik pluk een takje hei om de bloemetjes van onderen af te fotograferen. Het lijken net klokjes, kijk hoe mooi!

(zie foto's hieronder)

itbundig bloeiende paarse struikheide langs de bosrand, met groene bomen op de achtergrond.

Close-up van een takje struikheide met kleine paarsroze bloemen en frisgroene blaadjes tegen een zachte, zandkleurige achtergrond.

De wind blaast over de heide en de struiken wiegen slordig heen en weer. Een groep senioren de heuvel af. Duidelijk een wandelgroep; één man voorop... die weet waar ze heen moeten, en de rest gaat er achteraan erachteraan. Tik, tik, doen hun stokken, tik tik. Ik tel 4 fluorgele shirts en o wat hoop ik dat ze genieten van van vandaag!

en groep wandelaars trekt door een uitgestrekt, paarsbruin heideveld aan de rand van het bos, onder een bewolkte septemberlucht.

Geniet ik ook? 

Pfff, weet ik niet hoor. Rond het eind van de zomer vind ik het bos een beetje saai. Dat bedoel ik niet negatief maar er zit zo’n stukje tussen zomer en herfst dat me een soort van depri maakt. Het frisse groen is eraf en de herfst heeft haar warme kleuren nog niet uitgepakt. 

Kom op, zeg ik tegen mezelf. Zie je dan echt niks moois tussen al dat saaie?

En ja hoor. Twee gele blaadjes aan een berk. 

Foto als bewijs 😅

Twee geel verkleurende berkenbladeren tussen het nog groene blad, met het bospad onscherp op de achtergrond.

Goud op maandagmorgen

Een paar kilometer verder kom ik op mijn vaste plekje en drink mijn koffie. Koek erbij.

Nu ik stilzit zie ik ineens iets wat me lopend helemaal niet was opgevallen: spinnenweb-draden. Overal. Van tak naar tak, van een klein boompje naar het gras. Ik probeer ze met mijn lens te vangen en maak zelfs een filmpje. Ik weet allang dat zoiets op beeld bijna nooit zo mooi wordt als in het echt. Toch proberen....

Goud! De draden bewegen op en neer in de wind en glinsteren in de zon. Alsof iemand ze speciaal voor deze maandagmorgen heeft opgehangen.

Voor mij hè. 

Fantastisch!

Rustmoment tijdens een boswandeling, met een waterfles in de hand, wandelschoenen op de bosgrond en zonlicht tussen de bomen.

Zie je wel. Het bos is helemaal niet saai tussen zomer en herfst. Ik eet mijn koek op. ‘Het is nu maandag,’ zeg ik hardop. Een gewone maandagmorgen. Deze week geen bruiloft, geen andere extra dingen. Laat het lekker rustig blijven nu

Ik bid wat. Voor deze dag, voor de week die voor me ligt. Zal ik weer gaan schrijven? Zal het lukken? Hoe zal ik aan het eind van deze week terugkijken? Geen idee. Echt geen idee. Nou ja. Deze dag is er. Die ga ik leven. Maandagmorgengoud. Ik neem het mee naar huis.

Tot blogs!

___

Deze week: 5 dingen waar ik dankbaar voor ben: Friday's Fave Five 😍

Ik doe mee met de Linkparty van Huisvlijt

17.8.26

Ik mijmer, jij mijmert, wij mijmeren

Vroeger schreef ik boeken terwijl 6 kinderen mijn dagen bepaalden. Nu heb ik alle tijd van de wereld en schrijf ik niet. Soms snap ik niets van het leven.

Vroeger was er altijd ‘een vier uur’. Dan kwam er een kind thuis. Tas op het haakje, jas uit, samen wat drinken, even kletsen. Ik wist: tot die tijd kan ik schrijven. En dat deed ik. Tien boeken lang. Of elf?

Vroeger...

The photo says in Dutch: “Reflections on the Elsterkop.”

__

Nu...

Nu is er allang geen gezellig vier uurtje meer. De kinderen zijn groot.
Ik ben oud (dûh, grapje)

Gisteren was zoonlief jarig. Voor het eerst woont hij niet thuis tijdens zijn verjaardag. Ik maakte altijd  kwarktaart. Nu vroeg ik of het uitkwam als ik bij hem langs zou komen. Dat kwam niet uit. Ik mis hem. Soms steek ik mijn neus in het vest dat hij heeft laten liggen. OK, genoeg daarover. Het went al een beetje

Vakantie voorbij

Vanmorgen ging mijn man weer aan het werk na de vakantie. ‘Voor mij is het ook mijn eerste werkdag,’ zei ik. ‘Ik ga schrijven.’

Tot nu toe geen letter. De laptop niet eens aangeraakt.


Mijmeren op de Elsterkop

In plaats daarvan zit ik op de Elsterkop onder een oude boom te mijmeren. Ik drink er koffie, eet er mijn koek op. Het heeft flink geregend en de hei ruikt nog zoeter dan anders. Boven me trekken enorme wolken voorbij en in de verte zie ik de beuk waar ik vaak langsloop. Is tie bruin? NU al? Straks ga ik even kijken wat  er met hem aan de hand is.

Veel gedachten, weinig lijn

Mijn hoofd zit vol. Sinds mei is er zoveel gebeurd. Mijn schoonmoeder overleed. Ik herken wat dat met me doet. Na het overlijden van mijn moeder en mijn vader was het ook zo. Na mijn schoonvader weer. Veel gedachten, weinig lijn.

Dat bedoel ik... ik verdwaal zelf terwijl ik schrijf.  Ik had het toch eigenlijk over vroeger? Dat er schooltijden, afspraken, kinderen die thuiskwamen. Er was altijd dat een gezellig moment rond vieren. Dat mis ik. Het was zo gezellig.

Ik sta op ... en loop over het smalle pad naar de bruine boom.

Door de regen van gister lijkt het wel een slootje. 

Het water is warm; dat zeg ik in de video 😊

En ik denk... nou ja, het is meer mijmeren

Nu heb ik vrijheid. Geen kind dat om vier uur thuiskomt. Alle ruimte. Waarom lukt het niet? Heb ik chaos nodig ofzo? Heb ik mijn schrijven gebruikt als me-time?

Geduld, zeg ik tegen mezelf. Je hoeft helemaal niks. En dat is zo. Ik hoef niks.

Maar ik wil zo graag weer schrijven.
___

Vandaag: 24 augustus

Ik maakte deze blog af op 24 augustus en plaats hem terug in de tijd, op de dag dat ik al mijn wandelnotities voor de helft als blog vormgaf.

Wist je al dat ik van 'mijn oude boom' op de Elsterkop een brievenboom heb gemaakt?

In het begin had ik wat losse blaadjes in een afsluitbaar plastic zakje tussen de wortels gelegd. Die stonden al snel vol met krabbels van andere wandelaars. Dus nu ligt er een notitieblokje met een pen. Ook in plastic zakje natuurlijk

Vandaag zat ik weer onder de boom. Zooo nieuwsgierig. Zou iemand er weer iets in hebben geschreven Ja hoor. Ik las dit:

Hier te kunnen zitten in de stilte, uitzicht op de paarse heide die bijna op zijn hoogtepunt is. Wat een cadeau is dit. En iets verderop: Sommige plekken vragen niets van je, enkel er even te zijn.

Raak gezegd.
Helemaal onderaan stond nog:

Voor wie hier na ons zit: kijk even om je heen. Kijk ook eens omhoog ✝
Je bent hier niet voor niets.

En gek genoeg komt die zin nu pas echt binnen. 
Achter mijn bureau.
___

Ik mijmer nog even verder. 
Mijmer jij ook wel eens?

PS: doe ook mee met Nicoles Leuke LinkParty

31.7.26

Ouder worden: alle seizoenen tegelijk

Ik dacht dat het fris zou zijn vanmorgen. Niet dus. Dampig warm, terwijl de bosbodem juist kurkdroog aanvoelt. Zo raar na de regen van gisteren.

Op één plek zie ik nog wel wat druppeltjes op het gras. Daar loop ik expres even doorheen met mijn blotevoetenschoenen.

Lekker voelt dat.
Cooling down

Ouder worden: alle seizoenen tegelijk – vrouw op de heide met Psalm 31: Mijn tijden zijn in Uw hand.

Druppeltjes op gras in de vroege morgen op een bospad

Ik maak wat foto’s van de druppeltjes en loop verder naar mijn plekje onder de oude beuk. Klimmen, klimmen. Zand in mijn schoenen. En dan ben ik er.

Voor me vouwt de hei zich open. Groen en heel zachtpaars, met daarboven een enorme wolkenlucht.

Ik ga op een van de twee boomstronken zitten die hier al jaren onder de beuk staan. Aan mijn voeten liggen hier en daar wat opengeklapte beukennootjes. Nu al hè! Tis nog maar eind juli.

Ik lach erom

Een zandpad de heuvel op langs de heide bij de Elsterkop.

Een opengeklapt beukennootje op de knie met gebloemde stof met een natuurlijke achtergrond

Waar ik om lach? Om de seizoenen. Een paar maanden geleden wilde ik schrijven over het moment waarop ik ontdekte dat de hei groen werd. Na al dat wintergrauw verschenen ineens frisse groene takjes. Ik maakte foto’s en in mijn hoofd ontstond meteen een blog.

Van grauw naar groen, zou hij heten. Alleen… die blog kwam maar niet. En nu zit ik hier en wordt de hei alweer paars! Het seizoen wacht echt niet op mijn blog.

Wow, kijk. Daar gaat een roofvogel. Ik volg hem met mijn hand boven mijn ogen en precies nu breekt de zon door. Het warme licht schuift langs de bomenrand. De witte stammen van de berken lichten op. De naaldbomen blijven donker, de blaadjes van de eiken zijn veel lichter. En over één beuk ligt al een gouden gloed.

Goud, hè.

Alsof de herfst om het hoekje komt kijken op de Elsterkop.

Elsterkop met zonlicht op de heide

Kijk het zonlicht bereikt nu ook de lager gelegen hei en ineens wordt het paars warmer en voller. Maar hé,  nu schuift er toch weer een wolk voor de zon en vervagen de kleuren.

Ik zou hier uren kunnen zitten kijken. En denken. Denken, denken…

Ik denk aan…

Gisteren videobelde ik met mijn dochter. ‘Mam, kijk… ik krijg een rimpel.’ Ze liet haar voorhoofd zien. Er was bijna niets te zien, maar ik dacht meteen terug aan de tijd dat ik zelf mijn eerste rimpel ontdekte.

Ik had toen een oudere vriendin. Soms keek ik naar haar en dacht ik: O… word ik later ook zo? Met die rimpels... Ik kon het me niet voorstellen. Nu ben ik ongeveer zo oud als zij toen was. 😊 Jaaaa, ouder worden is zo echt. Dat ervaar je gewoon. Ik krijg nu dus ook steeds meer rimpels. 

Heide takjes met witte knopjes, nog niet helemaal in bloei in de schaduw langs het pad met een heide veld op de achtergrond

En toch voelt 't veel te smal om te zeggen: ik ben in de herfst van mijn leven gekomen.

Kijk naar de hei! Het paars begint, maar er is ook nog volop groen. Sommige stukken zijn wintergrauw. Geen idee of dat ooit nog wat wordt. En in de bomen zie ik al iets van herfstgoud.

Alles tegelijk.
Dàt herken ik!

In mijn eigen leven is het ook niet netjes één seizoen. Er zijn dingen die nog volop groen zijn. Er komen nieuwe dingen tot bloei. Andere dingen worden minder. En er zijn ook stukken waarvan ik denk: tja… wat moet ik daar nou mee? Doods

Dat vind ik best verwarrend af en toe. Want in welk seizoen zit ik dan eigenlijk?

Zandpad op de Utrechtse Heuvelrug met oude beuk, en heide die start met de bloei.

Ik denk en denk.
Ook aan dat zinnetje uit Psalm 31:
Mijn tijden zijn in Uw hand.

Mijn tijden.

Dat vind ik zo mooi. Niet: mijn lente is in Uw hand. Of mijn zomer. Mijn herfst. Mijn winter. Mijn tijden. Alles wat er tegelijk kan zijn.

En ja, ouder worden maakt me soms onzeker. Ook bang. Rimpels krijgen, steeds grijzer worden, dingen vergeten… dat hoort erbij. Maar mijn ouders kregen kanker toen ze ouder werden. De ouders van mijn man ook. Dan denk ik: wat staat mij nog te wachten? Ik weet het eggies niet.

Mooi zandpoad bij de Elsterkop met een grote boom en wolkjes aan een blauwe lucht erachter

Maar ik hoef mijn leven ook niet te kunnen overzien. Ik hoef niet precies te weten in welk seizoen ik zit. Mijn tijden zijn in Zijn hand. Het groene. Het paarse. Het grauwe. Het goud. Ook de stukken waar ik zelf nog niks van begrijp. Waar niks meer bloeit. Waar het snoeimes tekeer ging en zo

De zon is er weer

Ik blijf hier fijn nog even zitten, want de zon is er weer.
Daar word ik zo vrolijk van.
Ik drink mijn koffie op tot de laatste slok.

___

En nu…

Ik maakte deze blog af op 15 augustus en plaats hem terug in de tijd, op de dag dat ik al mijn wandelnotities in de vorm  voor de helft in de vorm van een blog goot.

Maar… inmiddels bloeit de hei op de Elsterkop helemaal!!! Echt geweldig. Eén grote paarse, zoemende bloemenzee, met massa’s bijen.

Kijk maar wat een mooie kleur. 🌿💜

Een heidestruik in bloei met blauwe lucht erachter

En de geur...

Ik heb er geen woorden voor.

Het ruikt super lekker.

~~<><><><>~~

Lees ook: Wie zegt dat grauwe hei niet mooi kan zijn


Linked to: De Huisvlijt Party

29.7.26

Door de modder heen 🪷

Vanmorgen vroeg zat ik aan de tuintafel te werken aan deze kleine lotus van diamond painting. En ineens dacht ik: wat weet ik eigenlijk van lotusbloemen? Niet zoveel, eerlijk gezegd. Alleen dat ze in de modder groeien.

Omhoogworstelen

Dus ik zocht het op. Een lotus wortelt in de modderige bodem van een vijver. Vanuit die donkere bodem groeit de stengel omhoog, dwars door het water heen. Pas boven het wateroppervlak opent de bloem zich.

Wat moet dat mooi zijn
Ik zou het zo graag eens willen zien. 

Kleine lotus van diamond painting op een kleurrijke etui, gefotografeerd buiten in de tuin.

Ik moest denken aan een blog die ik ooit schreef over modder en bloeien. Ik kon hem zonet niet meer vinden. Jammer, jammer. Wel vond ik twee andere blogs in die trant; die zal ik aan het eind delen.

De modder heeft niet het laatste woord

Waar ik als gelovige aan dacht bij de lotus onder mijn handen, is dit: de modder heeft niet het laatste woord. Ook wanneer ik niet begrijp waarom ik zo'n moeilijke periode mee moet maken, of nog helemaal niet kan zien wat eruit voort zal komen, geloof ik dat God zelfs uit donkere tijden iets kan laten groeien wat ik zelf nu nog niet kan bedenken.

Dat is voor mij niet alleen een mooie gedachte. Ik kén Hem. Ik leef met Hem. En ik heb het meegemaakt: dat er na donkere tijden toch weer iets begon te groeien waarvan ik midden in die modder nog niets kon zien.

Wat je nu ziet...

Ook als je niet gelovig bent, blijft de lotus een prachtig beeld. Modderige perioden bestaan en kunnen onvoorstelbaar moeilijk zijn. Maar wat je nu ziet, hoeft niet het einde van jouw verhaal te zijn.

Als ik terugkijk op mijn eigen leven, weet ik dat. Er waren moeilijke perioden. En gelukkig kwamen er ook weer lichtere dagen. Niet alles werd daarmee goed. De dood gaf geliefden niet terug. Sommige verliezen blijven als een schaduw meelopen. 

Maar de schaduw is niet alles wat er is.
Modder ook niet.

Die lotus... groeit erdoorheen en opent haar bloem erboven.

Kleurrijk tasje met een glinsterende lotus van diamond painting en tekst over het afwisselen van grote en kleine projecten.

Lotus waar ben je?

Nu zou ik heel graag een echte lotus willen zien. Weet iemand waar je die in Nederland kunt vinden? Ik ben nog niet uitgedacht over dit onderwerp. Maar voor vandaag houd ik het bij deze korte blog.

Lees ook deze:

___

9.7.26

Nog 54 dagen tot de herfst

Nog 54 dagen tot de meteorologische herfst.
Nog 76 tot de astronomische.

Ik kies voor die 54 natuurlijk.

Buiten hangt de was aan de lijn. De tweede was al, want de eerste is droog. Dat is dan weer het voordeel van zomer: je hangt iets op... loopt een paar keer heen en weer, en droog is het al. Het waait! De lucht is zwoel en de zon staat hoog. 

Ik hou niet van hete zomers.
Ik zeg het maar gewoon.

Toen zomer nog anders voelde

In de jaren zeventig hield ik nog wel van de zomer. Na het klusjes doen voor mijn moeder speelde ik eindeloos buiten. Bruine armen en benen kreeg je ervan. Gras onder je voeten en omhoog kijken naar je vlieger tegen het blauw van de lucht. Spelen met de buurtkinderen tot de lantaarns aangingen. Ik weet nog hoe eindeloos fijn de zomervakantie voelde.

Later, met mijn eigen kinderen, kreeg de zomer een andere invulling. Tassen pakken. Broodjes smeren. Heb ik nog genoeg limonade? IJsklontjes. Zonnebrand zoeken. Uitjes verzinnen. Knutselen aan tafel. Zwembad opzetten. Een huis vol leven. Wat hield ik ervan. Ik schreef er regelmatig over, zoals hier: "De pracht van de dag."

Uitjes werden rekensommen

Onderweg naar nu veranderde het. De kinderen vlogen uit, maar ook het klimaat veranderde. De zomers werden warmer en uitjes voelden steeds meer als rekensommen. 

Kan het?
Hoe warm wordt het?
Is er schaduw?
Kan ik zitten?
Kan ik terug als het niet gaat?
Is er water?
Is er rust?
Hoeveel energie kost het en hoeveel heb ik eigenlijk?

Soms bleef ik liever thuis.


Toen wist ik nog niet wat ik nu weet. Dat mijn lijf niet goed tegen hitte kan. Dat dysautonomie en warmte geen gezellige combinatie zijn. Dat mijn lichaam dan niet zeurt, maar schreeuwt om slow down.

Wat een opluchting dat je niet overal van hoeft te houden. Dat je gewoon mag zeggen: ik hou niet van hete zomers. Ook al staat Instagram bomvol kampeerplezier, ijsjes, zee, kinderen met zand aan hun voeten, buiten eten en, en, en....

Zelfs vogels zingen niet altijd

Ik hou niet van zomerse hitte, maar ik ga wel het bos in. Gisterenmorgen nog! De paden waren stoffig en zomerhitte hing loom tussen de takken. Ik zag een eik met hittestress.... z'n blaadjes op de bosbodem gedropt. Ik keek langs zijn stam omhoog. “Arme boom,” zei ik zacht, “Heb jij ook zo'n last van de warmte? En zie jij ook zo uit naar wat onze Maker doen zal in de toekomst? Het komt echt wel goed hoor. Je weet wel: ‘Zie, Ik maak alle dingen nieuw.’”


Vogels in het bos? Als het zo warm is hoor ik ze maar weinig. Ze gaan natuurlijk ook in de rui en schuilen dan op achterafplekjes waar ik ze niet zie. [1] Ik weet dat nog van vorig jaar. Dat ontroert me. Dat vogels ook niet altijd zingen. Er is een tijd van ontwaken in de lente en mooi te zingen, en er is ook een tijd van veren verliezen en je energie sparen.

Alles neigt naar de herfst

Wist je dat de bloemen van het vingerhoedskruid al verdwenen zijn? Maar de speerdistels staan nog stevig te bloeien zijn langs het pad. Ik zag twee hommels om elkaar heen draaien om één paars bloemhoofdje... zo schattig. 




En toch...
Alles neigt naar de herfst hoor.
Ik zeg het maar alvast, haha.

Wàt zie ik uit naar het kantelpunt dat straks komen gaat. Een ochtend waarop de lucht koeler is dan je verwacht. Mist boven het veld. Hei die nog even nagloeit na het mooie paars. Ademruimte.

Ook deze dag

Maar vandaag is het nog zomer. Vandaag hangt de was aan de lijn. Vandaag voel ik mijn lijf en probeer ik daar geduldig mee om te gaan. Iederemorgen doe ik mijn wekker uit om 6:30 en zeg ik tegen mezelf: dit is de dag die de Heer ons geeft. Ook deze. Niet mijn lievelingsdag misschien. Niet mijn lievelingsseizoen. Maar wel een dag waarin ik tussendoor een glimpje wat moois opvang...

In een distel.
In rupsen op geel kruid.
In vingerhoedskruid dat zaad maakt.
In was die droog wappert aan de lijn.
In een appje van een vriendin over emoties.
In koffie met mijn man.
In een nieuwe diamond painting.
In een boek.
In de blogs, wereldwijd...

In zomerse zonsondergangen 

😍


Nog 56 dagen tot de herfst 🍂

---

[1] Stille vogels zijn in de rui

4.7.26

Dit is vandaag. En je hoeft maar één ding te doen...

Ik wist toen nog van niets.

Vanmiddag vond ik een half afgemaakte blog terug, geschreven op een koude winterdag in januari. Gewoon een stukje over kou, wandelen en mezelf weer naar buiten krijgen.

Maar nu lees ik die woorden terug met alles wat daarna kwam.

Het was winter.

27 januari

Ik koos ervoor om toch te gaan wandelen. Het was waterkoud. Op de fiets droeg ik mijn bivakmuts (boevenmuts, haha) met daarover nog een gewone muts. Alles om die vervelende voorhoofdspijn maar voor te zijn.

Onderweg naar het bos besloot ik naar het meertje te gaan. Misschien was het bevroren. Dat vond ik vorig jaar zo mooi. Maar toen ik aankwam, was het meertje weg. Huil, huil. Alleen in het midden lag nog een smalle strook water met ijs erop. Daaromheen: natuurgraven. Het stukje bos was veranderd in een natuurbegraafplaats. Een prachtige plek. Maar ik moest wel even schakelen.

Dus liep ik gauw weg een ander stuk bos in met mijn hoofd vol gedachten over mijn eigen mensjes die ergens anders  liggen begraven... Hoe lang was ik er al niet geweest. Ik voelde me schuldig. Ik zou...

Bibberkoud wandelde ik richting de Elsterkop. Ik wilde maar één ding: koffie onder mijn boom. Toen ik daar zat, haalde ik een paar keer diep adem en probeerde de sombere schuld-gedachten van me af te schudden. Ik tuurde naar de jonge berken langs de rand van de hei die zacht heen en weer bewogen in de wind. 

Als je stilzit op een boomstronk krijg je het kouder, nog kouder, koudst. Gelukkig warmde de koffie me van binnen op. En om mezelf wat op te vrolijken, soort van, opende ik het dagboekstukje van die dag op mijn telefoon.[1] Het ging over Jesaja 42:

“Een geknakt riet zal Hij niet verbreken, en een smeulende vlaspit zal Hij niet uitblussen.”

Alistair Begg schrijft dat Jezus juist mensen opraapt die door anderen zijn afgeschreven. Dat Hij een smeulende pit niet uitblaast, maar opnieuw laat opvlammen. En dat we allemaal, op de een of andere manier, geknakte rietstengels en smeulende lonten zijn.

Jezus is zachtmoedig, teder en vriendelijk. Mensen die door anderen worden afgeschreven, wil Hij juist gebruiken.

Misschien denk je dat je beste tijd achter je ligt. Dat je nog maar een zwak vlammetje bent. Maar Jezus blaast zo'n smeulende pit niet uit. Hij wakkert haar juist weer aan.

We zijn uiteindelijk allemaal geknakte rietstengels en smeulende vlaspitten. Juist als we dat erkennen, leren we Zijn zachtheid kennen.

Nu is het juli.

Ik kijk vanuit mijn schrijfkamer uit over de daken heen. Een merel zingt. Wolken drijven voorbij. En ik lees die onaffe blog terug.


Wat ik denk?

Op 27 januari wist ik nog niet dat ik in maart mijn memoir zou loslaten... en dat ik daar toch om zou rouwen. Ook wist ik niet dat mijn schoonmoeder in de zomer zou overlijden. Dat onze vakantie in het water zou vallen daardoor. Ik had geen flauw idee welke deuren dicht zouden gaan en welke open. Gelukkig maar... ik zou constant bezorgd en zenuwachtig geweest zijn. Jij dan?

Zo blij dat we maar één seizoen tegelijk hoeven te leven. Dit is vandaag. En je hoeft maar één ding te doen: er zijn

Terugkijkend raakt niet eens de wandeling me het meest, maar dat ene zinnetje:

“Een smeulende vlaspit zal Hij niet uitblussen.”

Dat ik dat las op 27 januari. En dat het me nu, in een tijd van rouw, opnieuw de dag door helpt. 

He’ll never quench the smoking flax,
But raise it to a flame;
The bruisèd reed He never breaks,
Nor scorns the meanest name.

[1] He came for bruised reeds

Linked to Sweet Tea & Friends July Link Party

28.5.26

Zonnebloemen en de sandwichgeneratie 🌻

Ze moeten reuzenzonnebloemen worden, maar voorlopig staan ze op de voortafel. Ze hebben huisarrest gekregen van mij. Buiten kregen ze eerst luis. Toen de luis weg was, kwamen er gaten in de bladeren. Slakken, dacht ik meteen.

Dus haalde ik ze naar binnen.


Alleen: zo worden ze natuurlijk nooit reuzenzonnebloemen. Ze groeien een beetje richting plafond, maar dat is niet hetzelfde als groot worden. Daarvoor hebben ze zon nodig. Wind. Regen. Buitenlucht. Ruimte. Misschien zelfs een beetje risico?

Echt ik. Wat kwetsbaar is, wil ik beschermen. Mensen van wie ik houd. Plannen die nog pril zijn. Stukjes van mezelf. Ik houd ze het liefst binnen, waar niemand eraan kan komen.

Had ik met de kinderen ook.

Maar ergens onderweg verandert je plek. Kinderen worden volwassen. Ze gaan hun eigen weg. Ze bouwen hun leven op, met hun eigen zorgen, plannen, relaties en gevoelens die daarbij horen. En dat is goed. Alleen moet je soms opnieuw leren hoe je liefhebt als vasthouden niet meer past.

En tegelijk gebeurt er aan de andere kant soms iets anders. De generatie boven je wordt kwetsbaar. Er kan zomaar een nare diagnose komen. Een ziekenhuisopname. Een operatie. Woorden die je liever niet hoort, maar die dan opeens bij je leven horen.


Dan sta je daar ergens tussenin. Met één hand naar beneden, naar de kinderen die hun eigen leven opbouwen. Met één hand naar boven, naar de ouders van wie je misschien afscheid moet gaan nemen.* Je leeft mee, vraagt, denkt, onthoudt, regelt, hoopt, bidt, slikt soms iets weg en gaat weer door.

Dat noem je de sandwichgeneratie, geloof ik. Niet omdat iedereen daarin hetzelfde draagt. De een draagt meer praktisch, de ander meer vanbinnen. Maar dat gevoel van ertussen staan herken ik wel. Daarom raakten die zonnebloemen me vandaag zo. Ik... met dat potje in haar handen: binnen is veilig - buiten is nodig. En ergens daartussen sta ik te twijfelen wat liefde nu eigenlijk vraagt: vasthouden, beschermen, ruimte geven... of toch maar een ruggesteuntje voor de zekerheid.

Terwijl ik deze blog typ denk ik: Ik ben zelf ook nog aan het groeien... Dat klinkt raar als je bijna zestig bent. Nou dûh! Alsof groeien eigenlijk iets is voor kinderen en plantjes in mei. 

Niet dus


In midlife, growth is often quieter... less reaching for the ceiling, more learning how to root 🌿

Vanmorgen heb ik mijn zonnebloemen naar buiten gebracht. In de warme aarde gezet, terwijl de zon nog laag stond. Flinke plens water erbij... op hoop van zegen. Ze horen niet binnen. Ze horen buiten onder de blote hemel.

Dus vooruit jongens, wortels uitslaan. Beetje stevig worden. En ja... nu begin ik alweer te twijfelen. De weerman had het over heel veel regen morgenavond. Hagelstenen. Onweer. Misschien bind ik ze toch maar vast met een touwtje. Gewoon voor de zekerheid. Geen huisarrest meer... alleen een soort van rampenplan. Dat mag toch wel?

Sommige dingen groeien pas als ik de pot wat minder krampachtig vasthoud. Niet omdat loslaten mij zo goed afgaat, maar omdat ik leer dat ze uiteindelijk veiliger zijn in de handen van de hemelse Tuinman dan in die van mij.

* Blogs over m'n ouders
Thuis brengen,
Onderweg naar duizend dingen
Eén dag tegelijk

Doe ook mee met de Linkparty van Nicole

17.4.26

Een week in april

Schrijf nou in je dagboek, dacht ik steeds. Maar het bleef bij denken.
Nu blog ik:

Er is iets veranderd in huis. Ik mis het geluid van zijn voetstappen op de trap. Dat hij ineens beneden staat. De koelkast die opengaat. “Hebben we nog iets?” Even snel koffie. Een broodje. Noodles. Chips op rare tijden. 

Enkele tulp tegen een donkere achtergrond in zacht licht

Ik mis die kleine momenten. Dat hij er gewoon was.
In mijn hoofd zeurt die ene regel uit dat versje: dat komt nooit, nooit meer terug.

Hoe voelt dat eigenlijk, nu hij uit huis is?
Het laat zich moeilijk vangen. Hoe dan? Het voelt niet zwaar genoeg om er iets groots van te maken, maar ook niet licht genoeg om weg te lachen. Ik weet er niet goed raad mee. Ik ben gewoon een beetje verdrietig. En tegelijk ook blij dat hij een eigen plek heeft.

Ja, ik mis mijn zoon. Maar vandaag fietste ik naar hem toe. Hij woont in een dorp iets verderop. Een half uurtje fietsen... Natuurlijk verdwaalde ik en duurde het een uur voordat ik bij hem op de bank zat.

Vaas met tulpen op tafel in een stille kamer met avondlicht

Onderweg naar hem toe was het zo mooi. 

Bermen vol bloemen, wit en geel, en in de wei die pinksterbloemen die heen en weer wiegden in de wind. De zon erop. Het gras zo groen. En toen moest ik ineens denken aan die woorden van Jezus over de bloemen op het veld. Dat Hij dat zei tegen zijn discipelen, over bezorgd zijn en je druk maken. Ik dacht: daar wil ik nog eens naar kijken als ik thuis ben.

Bij mijn zoon genoot ik. Koffie drinken, herinneringen ophalen. Ik ben zo trots op hem. Het was echt leuk.

Tulpen blaadjes op een opengeslagen krant

Deze week? Die vloog voorbij, ondanks de stille momenten. Ik zette mijn ene voet voor de andere. Gewoon "het volgende ding doen". Dat werkte eigenlijk wel.

Ik maakte deze week foto’s van de tulpen op tafel. Ze mogen shinen op mijn blog. Ik zeg het met bloemen tulpen.

Welke bloemen zijn deze maand je favoriet?

---

Lees ook:

4.4.26

Als een kind uitvliegt

Ik loop de zoldertrap op.
De treden kraken onder mijn voeten.
Ik doe de deur open en kijk zijn kamer in.
Het is leeg. Zo leeg. Dit is niet leuk.

En toch… het is goed.

Raam met lamellen en uitzicht naar buiten op grijze dag, rustige sfeer binnenshuis

Ik blijf even staan. Kijk rond. De plek waar hij zo lang leefde.
En nu is het stil.

Beneden zet ik koffie. Ga zitten. Pak mijn boek.
En dan lees ik:

"Als volgeling van Jezus gaan je ogen nooit open op een morgen die niet gekenmerkt wordt door de kracht van de schepping, de hoop van de eeuwen, de bron van zegen, de eeuwige armen, de vesting die je bewaart.

Jouw manna in de woestijn, jouw balsem van Gilead, jouw Wonderbare Raadsman, jouw doorbraak, jouw Vader en jouw vrede.

Je voeten raken geen grond die niet al door genade is bedekt. Alsof elke stap die je zet, eerst door God zelf is voorbereid. Hij loopt met je mee, en waar jij struikelt, legt Hij genade over je falen heen.

Vergeet niet om te genieten van de schoonheid van je leven. Laat angst of ontmoediging je niet beroven van wie God is, en van wie jij bent in Hem. Neem de tijd om je hart te verankeren in Gods machtige beloften. Rust in de verwondering over Gods schoonheid die werkzaam is in jouw leven. Breng je hart tot stilte in Zijn liefdevolle nabijheid.

Zelfs in iets kleins, iets zachts, iets dat zo weer vergaat, zoals een rozenblad, ligt iets van Zijn schoonheid opgeslagen.

Het leven dat God je gegeven heeft, is mooi." *

 

Hand die een open boek vasthoudt op schoot, rustig moment van lezen binnenshuis

Ik lees het. En ik denk: ook dit.
Een nieuw stukje leven dat zo anders voelt.
Mijn voeten raken geen grond die niet door genade is bedekt.

---

* Vrij vertaald uit: The Rested Soul (Tessa Afshar)

21.3.26

Nog even met z’n vieren

We zijn alweer thuis 🏠

En gek genoeg zijn het niet de uitzichten die blijven hangen, maar de momenten. De gesprekken, de openheid, samen koffie... gewoon op de bank, en toch anders. Rustiger, dichter bij elkaar. Kleine dingen die groots bleken.

Witte koffiemok met vlinder op tafel in vakantiehuisje, met uitzicht op bos door grote ramen

Nu weer thuis, met z’n vieren. En ik voel hoe kostbaar dat is. Want niets blijft. Over een paar weken zijn we nog maar met z’n drietjes. Onze zoon heeft een huisje en is aan het pakken. Dozen, stapels, een kamer die leger en leger wordt

Het is goed. Het hoort zo. En tegelijk raakt het me. Ik denk aan wat was, aan alles wat zo gewoon leek. Ik kan het niet vasthouden.

In de vakantie kochten we twee mokken. Onze kleine traditie. Nu drink ik er thuis uit. De koffie is hetzelfde, maar het voelt anders.

---

📸 koffiemok in vakantiehuisje

11.10.25

Tussen kleur en kou

Een paar dagen geleden plaatste ik dit op Instagram:

Er is iets bijzonders aan deze tijd van het jaar. Terwijl de bladeren aan de bomen langzaam verkleuren, van groen naar geel, oranje, rood, zie ik iets anders gebeuren. Hier en daar verschijnen al kleine knopjes. Voorzichtig, bijna onzichtbaar. Maar ze zijn er.

Het raakt me, hoe de natuur laat zien dat loslaten en opnieuw beginnen tegelijk kunnen bestaan. De blaadjes verkleuren, vallen hier en daar, maar het nieuwe is al begonnen met bestaan.

Misschien hou ik daarom zo van gekleurde blaadjes. Omdat ze me herinneren aan de tussentijd. Niet meer het oude, nog niet helemaal het nieuwe.

Daar zit ik ergens tussen in. En dat is oké.

In the in-between, God is closest. There is a time for every purpose — even waiting.

De stille verandering

Zelfs één week maakt verschil. Als ik nu naar buiten loop, ruikt de lucht anders — kruidig, koel, een vleugje vochtige aarde. Ik sta buiten met mijn mand wasgoed onder de arm en kijk omhoog naar de eik. Verder weg zie ik nog een boom. Geen boom verkleurt op dezelfde manier: de ene gloeit in goud, de ander in rood, en weer een andere houdt nog even vast aan zijn groen.

Tussen kleur en kou

Ik geniet van al die kleur. Van het licht dat laag over de velden valt, het geritsel van bladeren onder mijn voeten. Maar ik weet ook: de stormen zullen komen. De modderplassen, de dagen zonder zon, de takken die breken.

En toch, ik zag al nieuwe knopjes. Ze wachten stil op hun tijd. Misschien is dat wat ik ook mag leren: dat leven niet ophoudt als de kleur verdwijnt, maar juist daar begint waar ik niet alles vast kan houden.



Mijn tijden in Zijn hand

Voor mij? Ik geloof dat er Iemand is die alles draagt, die weet van vallen van de bladeren én het groeien van de knopjes, van mijn wachten in de kou en het zachte ontluiken van nieuwe groei op plekken waar het doods leek.

Deze maand ga ik een bijbelstudie doen over Laugh Again: Experience Outrageous Joy. Juist nu de dagen korter worden heb ik er veel zin in. Ik heb geen aanleg om zomaar te piekeren, maar als er iets is om over na te denken, kan ik er diep in doorgaan. Misschien helpt deze studie me om opnieuw vreugde te ontdekken en om los te laten wat ik mag laten gaan.

Ik hoef mijn eigen ritme, ontwikkeling en overgangsmomenten niet krampachtig beheersen of te verklaren. Ze liggen niet in de handen van toeval of mensen, maar in de handen van mijn hemelse Vader, die mijn leven draagt, ook als ik de contouren ervan niet zie. Beslissende momenten. Fasen. Keerpunten. Crisis. In Zijn hand.

---

🍂 Weetje: geen twee bomen verkleuren precies hetzelfde. Zelfs twee eiken naast elkaar krijgen een andere tint; het hangt af van de soort, de bodem, het licht, en soms gewoon van het karakter van de boom. Ik hou van bomen. Daarom deel ik dit weetje natuurlijk 😉

PS. Ik schreef deze post op 11 oktober. Toen vergat ik hem. Dus nu alsnog online, met terugwerkende kracht (want eigenlijk is het een maand later: 11 november)

20.9.25

Een beetje scheef geeft niet

Ik kocht hem in de bloemenwinkel omdat hij er zo bijzonder uitzag. 

Een stengel vol knopjes die zich vreemd had opgerold, als een spiraal, scheefgetrokken onderweg. Ik zette hem in een pot, gaf hem water, hurkte neer en maakte wat foto’s voor mijn blog om te laten zien hoe bijzonder hij is.

Later las ik hoe dit heet: fasciatie — een groeistoornis. Een fout in het groeipunt, zeggen ze. De stengel verbreedt zich, alsof meerdere delen zijn samengeklonterd.

Het kan ontstaan door kou, stress, beschadiging of ziekte. Net als bij mij. Dit is het dan, dacht ik op een gegeven moment. Teveel misgegaan. Teveel scheef gegroeid.

En toch — als ik nu terugkijk, zie ik dat er tóch iets gegroeid is. Juist daar, in de diepte waar het allemaal misging.

God kan echt iets moois laten opkomen
Uit chaos, uit pijn.
Ik snap nog steeds niet hoe Hij dat doet.
Maar ik bewonder Hem.
Om wie Hij is.
Om wat Hij doet.

Wat jij nu niet kunt zien,
kan later tot verwondering worden.

“Even the crooked growth can carry fruit.”

“Hij maakt alles mooi op Zijn tijd.” (Prediker 3:11)

---

Bloemenblog geschreven
op 20 september
Vergeten.
Teruggevonden.
En nu alsnog online
op 11 november

💞 Gelinkt: Sweet Tea & Friend's november 2025 Link Up

15.9.25

De bloem van vandaag

Alweer!

Ik liep de tuin in en ja hoor — alweer een nieuwe bloem van de Oost-Indische kers. Vurig oranje, met een geel goud hart. Alsof er een lampje in brandt. 


Ik glimlachte. Nee, deze plant zit niet vol met 1000 bloemen. Het is nooit één groot boeket. Altijd maar één bloem tegelijk. Juist dat maakt me blij.

Ik hurk, ik kijk. En ik denk aan wat Ida Gerhardt wist:

Toen hij het kleine plantje vond,
Boog hij aandachtig naar de grond.*

Zo voelt het. Aandachtig buigen. Dichterbij komen. Kijken hoe mooi het is gemaakt. De details. Zo perfect. Zo mooi.

Dat past bij mijn leven nu. Rustiger dan vroeger. Toen ik in 2011 mijn blog begon, woonden alle zes kinderen nog thuis. Nu nog maar twee, en ook die zijn volwassen. Het is hier niet meer zo druk. Maar wel telkens die verrassing. Van een nieuwe dag. Een nieuwe bloem.

Toch vind ik deze periode niet makkelijk. Ik heb zoveel minder energie. Mijn hoofd bruist van ideeën, maar mijn lijf wil niet. En dat maakt me verdrietig. Dat is zo moe ben. 

Soms huil ik in stilte.
Soms voel ik me moedeloos.
Ik wil het zo graag anders.

Maar hé, ik zit nou in het hier en nu, bij mijn bloem. Met mijn iPhone in de aanslag. Ik schiet een foto. En nog één en ik denk: het is oké. Het is echt oké. Deze plant bloeit speciaal voor mij met maar met één bloem tegelijk. Ik mag ook doseren, net als zij. Op tijd stoppen. Rust nemen. Dan weer een nieuwe activiteit. Zo doe ik het. Maandenlang. In het huishouden, in mijn schrijfwerk.


Het klinkt eenvoudiger dan het is. Het lijkt een beetje op leren dansen op een muziekje dat ik nog niet ken. Ik probeer het maar struikel vaak over mijn eigen voeten. Ik word er alleen niet minder moe van. Nou ja, misschien ietsje... Soms. Vaak? Soms.

Ik kijk nog eens naar die bloem. Klik, klik — weer een foto voor mijn blog. Kijk eens hoe mooi, dat gouden hartje. Speciaal voor jou. Geniet ervan.

Ik hoop dat je niet down wordt van deze blog. Als jij je goed voelt, wees er dankbaar voor.

Ik ben ook blij.
Blij met deze nieuwe dag.
Blij met de bloem van vandaag.

En in mijn eigen dagboek schrijf ik er een lofzang over 

... voor mijn God,

die me geduld leert te hebben,
naar mijn klaagzang luistert
en me leert genieten van één bloem op z’n tijd.

* Het gedicht gaat eigenlijk over Akelei

 —– ٠ ✤ ٠ —– 

Geschreven op 11 september, toen ik dit bloemhartje zo mooi zag oplichten tijdens het ophangen van de was (foto 1)

Lees ook: Gewoon Gezellige Blog (12), 10 vragen met mijn antwoorden.

💞 Gelinkt: Sweet Tea & Friend's september 2025 Link Up